Grasbaal - 3 jaar geleden
We zien de laatste jaren in de melkveehouderij de verzorging van het vee steeds meer verschuiven naar verpleging. Een koe is vooral kwetsbaar in de periode van afkalven en de eerste maanden daarna, veel agrarische toeleveranciers spelen daar handig op in.
Het toedienen van een melkziekte-infuus is op menig bedrijf een routinehandeling, er zijn allerlei injectievloeistoffen en bolussen op de markt en een oppeppende koedrank of drenchmiddel mag niet ontbreken. Propyleenglycol moet de koe door de eerste twee maanden heen helpen en daarna wordt de vruchtbaarheidscyclus kunstmatig op gang gebracht. Wanneer al deze lapmiddeltjes niet afdoende zijn, staat menig fouragehandelaar al in de startblokken een volledig transitiemanagement op het bedrijf te introduceren.
Een stijgend aantal melkveehouders begint deze praktijken tegen te staan. De toenemende bedrijfsgrootte vraagt juist om arbeidsverlichtende maatregelen. Steeds vaker zoekt men de oplossing in het kruisen van de hoogproductieve HF-veestapel met een ras met minder gezondheidsproblemen.
De doorgaans wat lagere productie neemt men daarbij voor lief. Het positieve effect van de heterosis zorgt er voor dat de nakomelingen boven verwachting presteren. De daaropvolgende paringen zijn lastiger: terug kruizen geeft weer verlies van gezondheidskenmerken, terwijl verder kruizen de productie vaak geen goed doet. In beide gevallen zal de uniformiteit van de veestapel enorm afnemen, waardoor er problemen ontstaan bij het koppelmanagement.
De melkgeitensector heeft een geheel andere oplossing ontwikkeld: duurmelken. Er zijn bedrijven die de hoogst productieve melkgeiten twee tot zeven jaar door melken zonder aflammeren. Ook voor de melkveehouderij zou dit een optie kunnen zijn.
Onderzoeken uit het verleden spraken over een verlies van anderhalve euro per dag dat de tussenkalftijd uit loopt. Dit verlies bestaat deels uit gemiste opbrengsten van het kalf. De andere verliesposten zijn gemiste melk en gezondheidsproblemen bij afkalven door vervetting. Vooral deze verliesposten zijn te beperken door het fokken op een meer persistente koe. Een koe die wat minder hoog piekt, maar de melkproductie wel de gehele lactatie op peil houdt, waarbij een stijging van de gehaltes een verlies aan liters melk compenseert.
Hier ligt duidelijk een kans voor KI-organisaties. Presenteer nu eens niet de zoveelste zoon van dezelfde stiervader als andere organisaties gebruiken, maar zet in op een alternatieve strategie. Stop het gekibbel binnen de NVO en werk aan een cijfer voor persistentie dat gebaseerd is op meer dan 305 dagen, dan krijgt het pas waarde. Maak veeverbetering weer tot speerpunt in plaats van streven naar kort commercieel gewin.
Jack Rijlaarsdam,
Stompetoren
jack86@quicknet.nl
<a href=http://nieuweoogst.nu/ target=0><img src=http://nieuweoogst.nu/images/logo_no.gif?1241446397 border=0></a>
1 keer gewijzigd. Laatste wijziging: 12/07/2009 09:56 door Onze Verslaggever.
Dit topic is eerder geplaatst op het Melkquotum prikbord.
