Grasbaal - 1 jaar geleden

Door Jelle Feenstra,
De almaar dalende prijzen voor boter, poeder en kaas rechtvaardigen het hoge niveau van de mondiale boerenmelkprijzen niet. Daarmee wordt het pleidooi van de Brusselse topambtenaar Herman Versteijlen voor meer interactie tussen zuivelfabriek en melkveehouder weer actueel.
Analyse
Terwijl de noteringen van Fonterra, Chicago en ‘Den Haag’ al maanden op hun gat liggen, ontvingen de Europese melkveehouders in maart de op een na hoogste melkprijs uit de geschiedenis van de LTO Melkprijsvergelijking. Zou je de mondiale zuivelnoteringen van april en mei een-op-een doorvertalen naar de melkprijs, dan zou die minstens 3 tot 4 cent lager moeten liggen dan nu.
„De boerenmelkprijs loopt wereldwijd maanden achter op de zuivelnoteringen. Dat versterkt de prijsfluctuaties, omdat de productie achter de markt aanfietst”, constateert zuivelmarktvolger Klaas Johan Osinga van LTO. Gevolg is een situatie zoals nu, waarbij de melkproductie blijft groeien, terwijl de markt al een tijd slecht is. Het herstel van de prijzen duurt daardoor onnodig lang.
Osinga vindt dat zuivelondernemingen wereldwijd veel meer snelle informatie-uitwisseling moeten organiseren over productie en markt. „Dat zijn nu nog steeds te veel gescheiden werelden. Dat moet anders, zeker nu niet meer Brussel, maar de wereldmarkt de melkprijs bepaalt.’’
De Europese Commissie liet in 2010 in haar analyse van de melkcrisis van 2008 en 2009 een soortgelijk geluid horen. „Het wordt tijd dat de zuivelindustrie signalen afgeeft op het moment dat de vraag afneemt en er een overschot aan melk komt’’, zei Versteijlen toen.
De Brusselse topambtenaar mopperde dat dit in vrijwel alle takken van industrie gebeurt, behalve in de zuivelindustrie. „Daar wordt alle melk maar aangenomen en ziet de veehouder twee maanden later op zijn afrekening dat de markt niet goed was. De zuivelindustrie kan beter vooraf zeggen dat het slechter wordt. Dan kunnen veehouders tijdig knijpen met voer of andere maatregelen nemen.’’
De zwakte in Versteijlens verhaal is dat het alleen werkt als alle of in elk geval veel fabrieken hun steentje bijdragen. Vaak is dat de bottleneck. Desondanks blijft het interessant om het verhaal meer handen en voeten te geven. Met meer contact en informatie-uitwisseling tussen de verkopers van de melk en de boer kan de daadwerkelijke marktsituatie sneller worden doorvertaald in de melkprijs.
Bovendien geeft het zowel boer als fabriek meer mogelijkheden om sneller aan de knoppen te draaien. Remmen zodra er een dip aankomt, vol gas op het moment dat er ruimte komt. Dat kan leiden tot minder pieken en dalen op de melkmarkt.
Kentering
De kaashandelaren probeerden ook deze week de zuivelprijzen nog wat verder naar beneden te praten. Maar tarwe is duur, energie is duur en de sojaprijzen lopen op. In Amerika komen steeds meer melkveehouders in het rood te staan. Ondertussen raken de wereldwijde zuivelvoorraden op. Alles wijst er dan ook op dat de zuivelprijzen binnenkort weer gaan oplopen. In tegenstelling tot de melkprijzen, die de komende maanden de correctie van het te lang boven hun stand leven nog moeten verwerken.
Jelle Feenstra,
redacteur http://www.nieuweoogst.nu